Waarom siroop en geen suiker
Suikerkorrels lossen in een koude drank nauwelijks op. Ze zakken naar de bodem, blijven daar liggen en zorgen ervoor dat de laatste slok stroperig zoet is terwijl de eerste dat niet was. In een geschudde cocktail merkt u het als een korrelige laag op de bodem van het glas.
Siroop lost meteen op omdat de suiker al in water zit. Daarmee is het het enige onderdeel dat u kunt doseren zonder dat de temperatuur meespeelt, en dat maakt een recept herhaalbaar.
Het is bovendien het goedkoopste ingrediënt in vrijwel elk drankje, en tegelijk degene die de balans het sterkst bepaalt. Wie zijn cocktails wil verbeteren zonder duurdere flessen te kopen, begint hier.
Gelijke delen of dubbel
De standaard is gelijke delen: honderd gram suiker op honderd milliliter water. Roer het door tot het helder is; koken hoeft niet en verandert de smaak zelfs licht.
Daarnaast bestaat de rijke siroop, met twee delen suiker op één deel water. Die is dikker, zoeter en houdbaarder, en u gebruikt er ongeveer de helft van. Dat is prettig omdat u minder water in uw drankje brengt en de cocktail dus steviger blijft.
Het is belangrijk om te weten wélke u heeft, want daar gaat het bij recepten het vaakst mis. Een sour met rijke siroop in de hoeveelheid voor gewone siroop is onmiskenbaar te zoet, en dat wordt dan aan de verhouding geweten in plaats van aan de siroop.
Varianten die de moeite waard zijn
Van dezelfde basis maakt u met weinig werk iets bijzonders. Verwarm de siroop licht en laat er iets in trekken: een handvol muntblad, een gekneusde kaneelstok, verse gember, gedroogde hibiscus of de schil van een sinaasappel.
Laat het een half uur staan, zeef het en u heeft een siroop die een drankje in één keer een eigen karakter geeft. Gembersiroop met rum en limoen levert bijvoorbeeld een uitstekende variant op de daiquiri.
Een bijzondere is de oleo saccharum: schillen van citrusvruchten met suiker bestrooien en een paar uur laten staan. De suiker trekt de olie uit de schil en u houdt een intens geurende siroop over, zonder dat er ook maar één druppel sap aan te pas komt.
Bewaren en bederf
Gewone siroop blijft in een afgesloten fles in de koelkast ongeveer een maand goed. Rijke siroop houdt het langer vol, omdat de hoge suikerconcentratie zelf conserverend werkt — reken op twee tot drie maanden.
Siropen met verse ingrediënten erin, zoals munt of gember, bederven sneller. Twee weken is daar realistisch, en u ziet het aankomen: de vloeistof wordt troebel of er vormen zich draden.
Een scheut wodka in de fles, ongeveer een eetlepel op een halve liter, verlengt de houdbaarheid aanzienlijk zonder dat u het proeft. Schrijf de datum op de fles; dat klinkt overdreven tot u drie ongelabelde flesjes in de koelkast heeft staan.


